Nederlandse woning verliest veel warmte in korte tijd

Woningen in Nederland weten minder warmte binnen te houden dan andere Europese landen. Onderzoek, uitgevoerd tussen december 2019 en januari 2020 onder 80.000 huizen, wijst uit dat een Nederlandse woning bij een binnentemperatuur van 20 °C en een buitentemperatuur van 0 °C gemiddeld na 5 uur 2,4 °C verliest. In vergelijking met sommige West-Europese landen, waaronder Duitsland en Noorwegen, verliezen Nederlandse huizen tot 2,5 keer zo snel warmte in 5 uur tijd.

Het onderzoek is uitgevoerd door tado°, specialist op het gebied van intelligent klimaatbeheer voor woningen. Er is rekening gehouden met de binnen- en buitentemperatuur (in alle landen 20 °C en 0 °C). Uit het onderzoek kwam overigens naar voren dat huizen in het Verenigd Koninkrijk de meeste warmte verliezen in 5 uur tijd, namelijk 3 °C. Hier staat dan ook het grootste aantal oude woningen in Europa; maar liefst 38% van de woningen is vóór 1946 gebouwd.

Oude woningen minder goed geïsoleerd
Er zijn verschillende mogelijke verklaringen voor de resultaten van het onderzoek, bijvoorbeeld de hoeveelheid overheidssteun/subsidies, de kwaliteit van nieuwere huizen, slechte isolatie. De meeste woningen met een ouder bouwjaar zijn namelijk minder goed geïsoleerd. Hoe zit dat in Nederland? In de periode vóór 1946 werd 18,9% van de huizen gebouwd, in 1946-1980 was dit 41,9%, in 1980-2000 ging het om 26,4% en na 2000 slechts 9,5%. Een vijfde van de huizen is heel oud, wat kan hebben gezorgd voor het warmteverlies van 2,4 °C in Nederlandse huizen.

Overheidsmaatregelen
Een van de manieren om broeikasgasemissies te verminderen is door gebouwen beter te isoleren. De Nederlandse overheid heeft particulieren sinds 2 september 2019 de mogelijkheid gegeven om subsidie aan te vragen voor de isolatie van een koopwoning . Ook is er het programma aardgasvrije wijken (PAW). Gemeenten moeten een transitievisie warmte opstellen, een beleidsdocument waarin elke gemeente aangeeft hoeveel woningen en andere gebouwen in de periode tot en met 2030 geïsoleerd en/of aardgasvrij worden gemaakt. De ambitie uit het Klimaatakkoord is om tot 2030 minimaal 1,5 miljoen woningen en andere gebouwen te verduurzamen.

Enorm veel besparingspotentieel
Jan Meyer, verantwoordelijk voor verwarmingsoplossingen bij E.ON Duitsland: “Verwarming en warm water zijn goed voor 79% van het uiteindelijke energiegebruik van huishoudens in de EU. Dit getal toont aan dat er een enorm veel besparingspotentieel is. Door een verouderd olieverwarmingssysteem te vervangen voor een moderne gascondensatieketel kan een huiseigenaar bijvoorbeeld tot 20% energie besparen. Verbetering van de isolatie van een gebouw en modernisering van ramen kunnen ook waardevolle investeringen zijn die het energiegebruik verlagen en het comfort verhogen. Een andere optie is het installeren van slimme thermostaten, omdat deze kunnen helpen energie te besparen door deze efficiënter te gebruiken. Dergelijke maatregelen helpen niet alleen bij het verlagen van de verwarmingskosten, maar dragen ook bij aan de bescherming van het klimaat.”

Op onze nieuwsbrief abonneren

Hoppenbrouwers wil doorgroeien naar top 5 installatiebedrijven

Het Brabantse Hoppenbrouwers Techniek heeft de ambitie om in vijf jaar tijd te groeien naar 2.500 medewerkers verspreid over 25 vestigingen in heel Nederland en wil daarnaast een financiële groei doormaken van ongeveer 25% per jaar naar 500 miljoen euro. Hoppenbrouwers wil doorgroeien naar de top 5 grootste installatiebedrijven in ons land.

In 2019 heeft het bedrijf een flinke stap gezet met een omzetstijging van 20%. “Onze ambitie is groot. We willen de beste en meest duurzame technisch dienstverlener zijn van Nederland. Met in 2019 elf vestigingen, ruim 1.200 medewerkers, ruim 5.000 zakelijke klanten en een omzet van ruim 182 miljoen euro zijn we hard op weg”, aldus Henny de Haas, directeur- eigenaar van Hoppenbrouwers Techniek.

Technische oplossingen voor maatschappelijke vraagstukken
Het familiebedrijf begon ruim 100 jaar geleden als eenmanszaak in Brabant en is inmiddels uitgegroeid tot een technisch dienstverlener met ruim 1.200 medewerkers en het predicaat Koninklijk. Door te groeien wil Hoppenbrouwers een belangrijke bijdrage leveren aan technologische ontwikkelingen, zoals het CO2-neutraal maken van de industrie en de gebouwde omgeving, het installeren van technieken die het voor ouderen mogelijk maakt om langer zelfstandig thuis te wonen en het ontwikkelen van ‘smart buildings’.

Belang van system integrator
Tegenwoordig vinden er veel overnames plaats door installatiebedrijven die zijn gericht op verbreding van de portefeuille (product-, service en kennisaanbod) met als doel om een bredere basis te creëren voor de rol van ‘system integrator’. Dit betekent dat technisch dienstverleners verschillende systemen ontwerpen, onderhouden en integreren. Hoppenbrouwers neemt andere installateursbedrijven over om de portefeuille aan disciplines uit te breiden en bovendien landelijke dekking te krijgen. In 2019 deed het bedrijf drie overnames in de werktuigbouwkunde discipline, namelijk Piels Rosmalen, WBI Oudenbosch en Central Heating Kaatsheuvel.

Ontwikkeling ondernemerschap
Hoppenbrouwers wil haar groei mede realiseren door ondernemende medewerkers de kans te bieden een vestiging te openen. Het installatiebedrijf gelooft dat uiteindelijk de kracht van het bedrijf in haar mensen zit. In 2019 opende een medewerker een vestiging in Breda en in 2020 staat een nieuwe vestiging op het gebied van Industriële Automatisering in Barendrecht op het programma.

Op onze nieuwsbrief abonneren

  • Branche
  • februari 27, 2020
  • 7 views
Miljoenen huishoudens in 2030 op door groene waterstof opgewekte elektriciteit

Een consortium van Gasunie, Groningen Seaports en Shell Nederland heeft vanmiddag aangekondigd te willen beginnen met het project NortH2: de productie van groene waterstof met behulp van stroom die door een megawindpark op zee wordt opgewekt. Het consortium wil  hiermee invulling gegeven aan de doelstellingen van het Klimaatakkoord. Het park moet in 2030 al 3 tot 4 gigawatt aan elektriciteit leveren. Omgerekend zou dat genoeg zijn om 3,5 tot 5 miljoen huishoudens in Nederland van elektriciteit te voorzien. Dat moet in 2040 zijn gegroeid naar 10 gigawatt.

De groene waterstofproductie, initieel in de Eemshaven en later mogelijk ook op zee, zal naar verwachting zo’n 800.000 ton per jaar zijn in 2040. Dat scheelt een uitstoot van zo’n zeven megaton CO2 per jaar. NortH2 heeft de steun van de provincie Groningen en gaat op zoek naar partners om het consortium uit te breiden en dit project te realiseren.

Serieuze bijdrage aan verduurzaming
Groene waterstof, gemaakt uit hernieuwbare bronnen zoals wind en zonne-energie, staat centraal in het Nederlandse Klimaatakkoord en de Europese ‘Green Deal’. Op dit moment wordt waterstof al in grote hoeveelheden gebruikt in de industrie, maar wordt voornamelijk geproduceerd uit aardgas. Het vervangen door groene waterstof draagt serieus bij aan de verduurzaming van de industrie.

Allereerst voorziet NortH2 in de bouw van enorme windparken in de Noordzee, die stapsgewijs kunnen uitgroeien tot een uiteindelijke capaciteit van zo’n 10 gigawatt. Dat is omgerekend goed voor het elektriciteitsgebruik van circa 12,5 miljoen Nederlandse huishoudens. Hiervoor moeten veel windturbines worden gebouwd. De eerste kunnen al in 2027 gereed zijn en worden ingezet voor groene waterstofproductie.
Daarnaast voorziet het plan in een grote ‘elektrolyser’ in de Eemshaven, waar de windenergie wordt omgezet in groene waterstof. Het consortium overweegt verder de mogelijkheid om elektrolysers op zee te plaatsen.

Inzetten van aardgasinfrastructuur van Gasunie
Ten slotte is een slim transportnetwerk in Nederland en Noordwest-Europa nodig om de 800.000 ton groene waterstof naar voornamelijk industrie, maar later mogelijk ook naar de consument te brengen. Hiermee kan rond 2040 naar schatting zeven megaton CO2-uitstoot per jaar worden bespaard. Met dit project wordt de aardgasinfrastructuur van Gasunie, die nu nog vooral wordt ingezet voor aardgas en groen gas, ook gebruikt voor de opslag en het transport van waterstof.

Nieuwe partners nodig
Marjan van Loon, president-directeur van Shell Nederland: “We zetten hier met elkaar een ambitie neer die Nederland wereldwijd in de koplopersgroep plaatst op het gebied van waterstof. Bovendien draagt het bij aan het behalen van de doelstellingen van het Nederlandse Klimaatakkoord en het versnellen van de energietransitie. Dit project biedt kansen in de gehele waterstofketen. Daarnaast past het goed bij onze New Energies-aspiraties en bij onze ambities om steeds weer nieuwe manieren te vinden om CO2-uitstoot te verminderen en meer en schonere energie te leveren, thuis, onderweg en op het werk. Om dit project te realiseren zullen er verschillende nieuwe partners nodig zijn. Samen zullen we moeten pionieren en innoveren om alle beschikbare kennis en kunde die nodig is bij elkaar te brengen. De energietransitie vraagt om lef, durven en doen.”

Uitgelicht:
Als het gaat om het gebruik in een brandstofcel om elektriciteit te maken, is waterstof in alle gevallen volledig schoon. Daarbij is er geen emissie, behalve van schone waterdamp. Gaat het om hoe schoon de productie van waterstof is, dan hangt dat af van de herkomst van die waterstof. Vandaar het onderscheid tussen 'groene' waterstof (uit elektrolyse met duurzame elektriciteit van wind, zon of water) en 'grijze' waterstof (uit fossiele brandstof); bij de laatste komt CO2 vrij. Dan is er nog een 'blauwe' variant. Hierbij gaat de vrijgekomen CO2 permanent in opslag, in bijvoorbeeld lege gasvelden op zee, waardoor de zo verkregen waterstof klimaatneutraal is.

Op onze nieuwsbrief abonneren

  • Branche
  • februari 27, 2020
  • 7 views
Essent helpt woningcorporaties hun woningvoorraad te verduurzamen

Essent en zijn lokale dochterbedrijven hebben Wooneffect ontwikkeld. Dit initiatief helpt woningcorporaties stap voor stap met het verduurzamen van hun woningvoorraad. In het Energieakkoord is afgesproken dat huizen van woningcorporaties dit jaar gemiddeld energielabel B moeten hebben. Doel is dat uiterlijk in 2050 de ruim twee miljoen woningen van woningcorporaties CO2-neutraal zijn.

Via Wooneffect helpen Essent en de dochterbedrijven de grote verduurzamingsopgave van corporaties inzichtelijk en concreter te maken. Zij bieden isolatieoplossingen, mechanische ventilatie, verwarmingsoplossingen, service & onderhoud, zonne-energie toepassingen en slimme oplossingen als energiemonitoring en apparaat-inzicht. Wooneffect wordt ingepast in de voor woningcorporaties vertrouwde werkprocessen en op logische momenten, zoals een verhuizing.

Expertise in huis
Essent en de dochterbedrijven laten weten alle expertise in huis te hebben om de woningvoorraad van corporaties te kunnen verduurzamen. Van advies en uitvoering tot onderhoud. Aangezien verduurzamen van woningen voor de bewoners een impactvolle gebeurtenis kan zijn, biedt Essent binnen Wooneffect ook ondersteuning bij bewonersbegeleiding aan.

Inzicht en advies
Op dit moment test Essent bij een aantal projecten de Wooneffect energiemonitoringstool. Door het monitoren van energiestromen en installaties krijgen woningcorporaties inzicht in het functioneren van warmtepompen en kunnen zij bewoners adviseren over hun energiegebruik. Daarnaast krijgen woningcorporaties inzicht in de CO2-uitstoot van hun complexen.

Ervaring in heel het land
Alma Krug, verantwoordelijk voor Wooneffect bij Essent: "Inmiddels hebben we met woningcorporaties uit heel het land ervaring opgedaan. Onze dochter Volta Limburg, bijvoorbeeld, verduurzaamde met Zaam Wonen in Stein 400 woningen van label D/E/F naar A/B. In Doetinchem verduurzaamde servicebedrijf GEAS 342 appartementen van label G naar A. Kemkens verduurzaamt woningen bij mutatie. Wanneer de woning beschikbaar komt, wordt een woning volledig gerenoveerd en klaargemaakt voor de toekomst. Zo geven we concreet invulling aan onze ambitie om iedereen stap voor stap mee te nemen in de energietransitie."

Op onze nieuwsbrief abonneren

  • Branche
  • februari 27, 2020
  • 7 views
Waterstof en hybride warmtepomp centraal op Building Holland

Het programma van Building Holland 2020 is definitief. Verspreid over drie podia komen in totaal 150 sprekers aan het woord. Vragen die aan bod komen zijn onder meer: Wat zijn de mogelijkheden van waterstof in de energietransitie en wat is de rol van de hybride warmtepomp om de transitie te versnellen? Building Holland is te bezoeken op 24, 25 en 26 maart 2020 in RAI Amsterdam.

Het programma is opgebouwd langs de thema’s van Building Holland. Dit zijn Circulariteit, Energietransitie en Slim & Gezond. In 20 minuten worden bezoekers bijgepraat over de nieuwste ontwikkelingen. Tot de sprekers behoren Biense Dijkstra van bouwgroep Draisma Dijkstra, Daan Brugging van ecologisch architectenbureau ORGA architect, Bernard Wientjes, voorzitter van de Taskforce Bouwagenda, Maurits groen founder en president van WakaWaka Foundation en trendwatcher Richard van Hooijdonk.

Extra verdieping
Naast 150 sprekers zijn er 36 side-events van een dagdeel, waarin actuele thema’s extra verdieping krijgen. Zo is er aandacht voor het maatschappelijk verduurzamen van vastgoed, smart buildings & cybersecurity, de impact van gezonde gebouwen op de gebruiker en bewonersparticipatie & gedragsverandering.

Op onze nieuwsbrief abonneren

Mostra Convegno en Light + Building uitgesteld vanwege coronavirus

Mostra Convegno Expocomfort, één van de grote Europese vakbeurzen voor de branche is na de recente uitbraak van het coronavirus in Italië uitgesteld tot 8 september dit jaar. De beurs stond oorspronkelijk gepland van 17 tot 20 maart a.s. Eerder meldde Messe Frankfurt al de vakbeurs Light + Building die binnenkort gehouden zou worden te verschuiven naar september in verband met het virus.

“De gezondheid van onze klanten, partners en medewerkers is onze eerste prioriteit”, meldt Massimiliano Pierini, Managing Director van Reed Exhibitions Italia dat de beurs in Italië organiseert. Met de recente ontwikkeling van de uitbraak in Italië, met name in Lombardije, en rekening houdend met het decreet dat door de regio Lombardia is aangekondigd om "[...] evenementen en elke vorm van ontmoeting in openbare of privéruimte" op te schorten, hebben we besloten onze evenementen te verplaatsen naar september.”

Geen lichtvaardige beslissing
“Dit is geen beslissing die we lichtvaardig hebben genomen”, vervolgt Pierini. “Onze klanten, partners en ons team hebben ongelooflijk hard aan dit evenement gewerkt en, hoewel het teleurstellend om de beurs uit te stellen, is het absoluut noodzakelijk dat we prioriteit geven aan de gezondheid en veiligheid van alle betrokkenen.”

De beursorganisatie in Duitsland wijst op de gezondheidscontrole die gasten uit China zouden moeten ondergaan, waarvan de implementatie voor Messe Frankfurt een enorme uitdaging zou zijn. Ook worden steeds meer reisbeperkingen ingevoerd, waardoor het voor zowel bezoekers als exposanten moeilijk is om de beurs bij te wonen.

Op onze nieuwsbrief abonneren

  • Branche
  • februari 25, 2020
  • 7 views
Binnen 20 jaar ruim 30 gebouwen overheid op schone energie

Rijksvastgoedbedrijf en het consortium Motion2040+, bestaande uit DWA, Rebel, TwynstraGudde en Witteveen+Bos, hebben afgesproken om voor 2040 ruim 30 overheidsgebouwen van schone energie te voorzien. De opdracht valt binnen het programma EnergieRijk Den Haag (ERDH), dat hiermee een volgende fase ingaat.

ERDH is een bestuurlijk samenwerkingsverband van onder andere het Rijk, Gemeente Den Haag en Provincie Zuid Holland. Het Programma ERDH heeft als doel een klimaatneutrale energievoorziening voor de belangrijkste (semi-) overheidsgebouwen in het centrumgebied van Den Haag. Aanvankelijk zou dat gelden voor 16 gebouwen. Inmiddels hebben 30 overheidsgebouwen in het centrum van de hofstad de doelstelling vastgelegd in een Green Deal.

Trias Territoria-principe
Kenmerkend voor de uitwerking van de gebiedsaanpak is de Trias Territoria. Dit is een ontwerpfilosofie die de aanpak ordent in een sturende benaderingsvolgorde door 1) eerst de lokale mogelijkheden voor energieopwekking en -reductie te onderzoeken, 2) dan de mogelijkheden te benutten die de omgeving biedt, bijvoorbeeld door opslag in de bodem en 3) het restant van de behoefte aan duurzame energie in te kopen. Voor ERDH betekent dit concreet eerst energiereductie en -opwek op gebouwniveau, dan opslag en uitwisseling van energie tussen de ERDH-gebouwen in een WKO-netwerk, aansluiting van de gebouwen op een verduurzaamd warmtenet en ten slotte de inkoop van groene stroom.

Smart Thermal Grid en geothermie
Het consortium werkt de benaderingsvolgorde van de Trias Territoria uit in een herhaalbare en schaalbare gebiedsaanpak die het Rijk en partners ook in andere steden kan uitrollen. Daarbij concentreert Motion2040+ zich op drie hoofdthema’s: gedeelde WKO-netwerken middels Smart Thermal Grids, geothermie voor de levering van duurzame warmte en het aanjagen van innovaties voor de duurzame energievoorziening van gebouwen.

Bijdrage aan het Klimaatakkoord
Het programma wil een voorbeeldfunctie vervullen voor verduurzaming in Nederland. Men heeft de afgelopen jaar hard gewerkt aan een gezamenlijke aanpak voor wko-netwerken, duurzame warmte en gebouwmaatregelen. Met de verduurzaming van meer dan 1 miljoen m2 vloeroppervlak rond het station Den Haag Centraal wordt een aanzienlijke energiebesparing beoogd. Daarmee draagt het programma in belangrijke mate bij aan het versneld invullen van de ambities in het Klimaatakkoord. Om dit mogelijk te maken zullen de komende jaren concrete projectvoorstellen op tafel komen waarmee samen met gebouweigenaren en betrokkenen de strategie voor verschillende type gebouwen omgezet wordt naar concrete energiesystemen.

Bewezen samenwerking
Witteveen+Bos, Rebel en DWA kregen als samenwerkingsverband Motion2040 drie jaar geleden al de opdracht om voor ERDH een advies op te stellen voor een gebiedsgerichte aanpak bij de voorgenomen verduurzaming. Met toetreding van TwynstraGudde heeft het nieuwe consortium Motion2040+ alle kennisdomeinen in huis voor dergelijke verduurzamingsvraagstukken.
Adviesbureau DWA is de trekker en brengt technische, financiële en procesmatige kennis in van de energietransitie in complexe bestuurlijke omgevingen. Rebel specialiseert zich in organisatorische, financiële en juridische vraagstukken bij verduurzaming. TwynstraGudde focust op stakeholdermanagement, programmamanagement en risicobeheersing. Witteveen+Bos is expert op het gebied van energietechnologieën en -strategieën. De integrale samenwerking tussen de bureaus is bewezen in meer dan tien eerdere samenwerkingsopgaves, waaronder de oprichting van een Programmabureau warmte-koude in de Metropoolregio Amsterdam. De partners werken op een pragmatische manier aan uitvoerbare oplossingen.

 

Op onze nieuwsbrief abonneren

  • Branche
  • februari 24, 2020
  • 8 views
Klachten warmtepompboiler: ‘Geen goede afstemming op bouwkundige situatie’

Het programma Radar behandelde de toepassing van warmtepompboilers in een oud kantoorpand. Het pand is op de begane grond is omgebouwd tot 22 starterswoningen. De bewoners klagen over hoge energiekosten, lauw tapwater en het feit dat de woning niet warm wordt. Ook wijzen de energieleveranciers de bewoners erop dat zij te veel energie gebruiken voor het aantal mensen dat er woont. De betrokken partijen hebben nog geen oplossing kunnen vinden voor de klachten. ISSO heeft op verzoek van Radar een inspectie van de installaties uitgevoerd. Je leest hier de conclusie van deze inspectie.

Het betreft de begane grond van een gebouw, waarbij de begane grond als kantoor fungeerde. Op de verdiepingen bevinden zich bestaande woningen. Het kantoor (bouwjaar 1985) is  1 jaar geleden omgebouwd tot 22 fraaie starterswoningen, waarvan een deel sociale huur is. We hebben  1 sociale huurwoning en 1 vrije sector woning bezocht en de bewoners gesproken. De bewoners hebben een aantal klachten: hoge energierekeningen (termijnbedrag €50,-, naheffingen van € 200,- tot € 600,- per woning), woning niet warm, warmtapwater soms lauw. Ook werden ze gebeld door energieleveranciers: "Volgens het verbruik woont u hier met 6 personen, heeft u een aquarium?, er tapt iemand energie van u af."
De nieuwe voorgevel bestaat grotendeels uit HR++ beglazing. De verwarming vindt plaats door ingesleufde vloerverwarming. De vloer ligt op zand en is gezien het bouwjaar aan de onderzijde vermoedelijk beperkt geïsoleerd. In de badkamer is een elektrische radiator geplaatst. In de voorgevel zijn ventilatieroosters opgenomen. Door de grote hoeveelheid beglazing en ventilatieroosters in combinatie met vloerverwarming is er sprake van koudeval.

Systeemkeuze
In de technische ruimte is de volgende apparatuur in serie opgesteld: warmtepompboiler 260 l, warmtewisselaar (overdracht van warmte naar vloerverwarming), transportpomp, elektrische boiler. Na de elektrische boiler gaat de leiding weer terug naar de warmtepompboiler.
Met een warmtepompboiler wordt op energiezuinige wijze warmtapwater gemaakt. De warmtepompboiler ventileert de woning. De warmte wordt teruggewonnen uit de ventilatielucht en via de warmtepomp overgedragen aan het voorraadvat van de warmtepompboiler.
Specificaties warmtepompboiler: capaciteit warmtepomp 1,6 kW, totale capaciteit 3,1 kW, afzuigluchthoeveelheid: 350 m3/h. In de warmtepompboiler bevindt zich een elektrische spiraal voor desinfectie (i.v.m. Legionella) en piekvraag.

Conclusie
In tegenstelling tot wat gebruikelijk is bij een warmtepompboiler wordt bij de appartementen de warmtepompboiler ook gebruikt om de woningen via de vloerverwarming te verwarmen.
N.B. In leveranciersdocumentatie wordt alleen gesproken over de inzet van de warmtepompboiler voor warmtapwater. Wellicht is het op doordachte wijze realiseerbaar, maar het is met deze losse componenten geen bekend concept bij ISSO. Het concept bestaat als compleet samengebouwde ventilatiewarmtepomp, die de verwarming en warmtapwater realiseert, met als opmerking dat het alleen geschikt is in nieuwe, niet al te grote, super goed geïsoleerde woningen.
De vloerverwarming vraagt continu warmte. Het warme water stroomt vanuit de warmtepompboiler hiertoe eerst door de warmtewisselaar (warmteafgifte aan vloerverwarming) en vervolgens door de elektrische boiler terug naar de warmtepompboiler. De warmtepomp kan maar een beperkt deel van deze warmte t.b.v. warmtapwater en verwarming leveren, waardoor de elektrische boiler en elektrische spiraal in bedrijf moeten komen voor verwarming en warmtapwater. Er wordt dus grotendeels elektrisch verwarmd, wat een verklaring is voor de hoge energierekeningen.
De warmtepompboiler heeft een afzuigcapaciteit van 350 m3/h. Dit is veel voor deze kleine woningen. De ventilatielucht zal ergens vandaan moeten komen, b.v. ook van buiten. Deze lucht moet dan weer door de vloerverwarming opgewarmd worden. Omdat het niet warm genoeg wordt zal de aanzuigtemperatuur bij de warmtepompboiler van 20 °C niet gehaald worden, waardoor het rendement van de warmtepompboiler lager wordt. Kortom er wordt grotendeels elektrisch verwarmd, maar het wordt niet warm met een hoog elektriciteitsverbruik.

Bij het ontwerp en samenstellen van energiezuinige installaties is goede informatie en afstemming met de bouwkundige situatie noodzakelijk, aldus ISSO.

Bekijk hier de uitzending terug.

Op onze nieuwsbrief abonneren

  • Branche
  • februari 24, 2020
  • 7 views
ThermoNoord opent zijn eerste centrum voor duurzaamheid

Vrijdag 21 februari heeft ThermoNoord in Gorredijk zijn eerste Duurzaamheidscentrum (TDC) geopend. Het TDC is een adviescentrum/showroom waarmee het bedrijf zich meer kan richten op de advisering en samenstelling van duurzame systemen, bestemd voor bestaande- en nieuwbouwwoningen.

Het TDC is bedoeld om klimaatsystemen te ervaren. Ze zijn samengesteld uit onderdelen als warmtepompen, zonnepanelen en WTW ventilatiesystemen, zodat de eindgebruiker kan zien, horen en beleven wat zo’n klimaatsysteem betekent voor zijn huis.

Naast adviescentrum is het TDC ook een scholingscentrum voor installateurs. Met regelmaat zal ThermoNoord, in samenwerking met specialistische leveranciers, trainingen verzorgen met onderwerpen als besparen, gezondheid, comfort en bijvoorbeeld de mogelijkheden voor subsidieaanvragen.

Op onze nieuwsbrief abonneren

  • Branche
  • februari 21, 2020
  • 6 views
Dreigt een installatiecrisis?

‘Terwijl de enorme vraag naar woningen en kantoren aanhoudt, breekt op de achtergrond een nieuwe bouwcrisis uit’, meldt de Telegraaf. Betekent dit dat er ook voor de installatiesector een crisis aan dreigt te komen? Misschien – zoals gebruikelijk bij dit soort tendensen – wat later, omdat de sector over het algemeen enige tijd achter de bouw aanloopt. Maar toch.

De bouwsector maakte in de laatste drie maanden van vorig jaar de laagste kwartaalgroei in vier jaar tijd mee. En met 137 faillissementen stijgt het aantal omgevallen bouwbedrijven nu al zes kwartalen op rij, zo blijkt uit nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek. Bouwkennis meldt dat de woningbouwproductie dit jaar daalt naar 64.000 woningen en volgend jaar nog minder woningen worden opgeleverd, namelijk 61.000. De stikstofproblematiek wordt gezien als één van de oorzaken van de daling. Vooral eengezinswoningen buiten de randstad worden getroffen door vertragingen.

“De nieuwbouw moet nu echt weer op gang komen”
De branchekoepel Techniek Nederland lijkt zich vooralsnog weinig zorgen te maken over een dreigende installatiecrisis. Woordvoerder Dick Reijman reageert desgevraagd: “Er is geen sprake van een crisis in de installatiebranche. Bedrijven hebben het over het algemeen nog razend druk. Maar zorgen zijn er natuurlijk wel, met name bij installateurs in de seriematige nieuwbouw. Als gevolg van de stikstofcrisis heeft het uitgeven van vergunningen voor nieuwbouw enkele maanden stil gelegen. De effecten daarvan zullen later dit jaar zichtbaar worden. Het is cruciaal dat de nieuwbouw nu weer echt op gang komt.”

 

Op onze nieuwsbrief abonneren