Referentieklimaat voor energie(prestatie)berekeningen aangepast
De gegevens van het referentieklimaat worden aangepast. Dit is nodig door de opwarming van de aarde, maar ook om aan te sluiten bij de nieuwe energieprestatie bepalingsmethode, NTA 8800. Het ontwerp van de norm is nu beschikbaar op de website van NEN. Belanghebbenden kunnen tot 15 augustus commentaar indienen.
NEN 5060 ‘Hygrothermische eigenschappen van gebouwen – Referentieklimaatgegevens’ bevat drie referentiejaren: één jaar voor energieberekeningen en twee jaren voor ontwerpdoeleinden. Het referentiejaar voor energieberekeningen is representatief voor Nederland en is bedoeld voor het buitenklimaat bij energie(prestatie)berekeningen. De referentiejaren geven waarden voor buitentemperatuur, globale zonnestraling, windsnelheid, windrichting, luchtvochtigheid en neerslag.
Iets warmer
In het concept zijn nieuwere klimaatgegevens gebruikt, namelijk de klimatologische gegevens over de periode 1996 tot en met 2015 van het KNMI-weerstation in De Bilt. Dit laat een hele lichte stijging van de temperatuur zien, met iets grotere uitschieters naar boven en naar beneden.
De normtekst is niet wezenlijk veranderd, met uitzondering van bijlage D over de omrekening van gegeven zonnestralingsgegevens naar verticale en hellende vlakken. Deze sluit nu aan op de nieuwe Europese energieprestatie normen en dus ook op NTA 8800. In relatie tot deze nieuwe bepalingsmethode voor de energieprestatie is vastgesteld dat het effect van de nieuwe klimaatgegevens <2% is.
Het is de bedoeling de nieuwe uitgave van NEN 5060 gelijktijdig met NTA 8800 te publiceren. Het concept van de norm met de nieuwe gegevens is beschikbaar op www.normontwerpen.nen.nl. Belanghebbenden kunnen tot 15 augustus 2018 commentaar indienen bij NEN.
Practicumlokaal voor zonnewarmte-systemen in gebruik genomen
In Den Bosch is een practicumlokaal voor zonnewarmtesystemen in gebruik genomen. Installateurs worden hier opgeleid in het installeren, inbedrijfstellen en onderhouden van zonnewarmtesystemen. Voor zover bekend is dit het eerste praktijkcentrum waar de installateurs en monteurs worden opgeleid met vier verschillende systeemvarianten voor zonnewarmte. Na het volgen van de opleiding kan de installateur zich inschrijven voor het bijbehorende examen. Wanneer dit wordt succesvol wordt afgerond, ontvangt de deelnemer het persoonsgebonden zon-certificaat ‘Installeren van zonnewarmtesystemen’. Hij wordt daarmee opgenomen in het Nationale Kwaliteitsregister QbisNL.nl dat door opdrachtgevers kan worden geraadpleegd bij de keuze voor een vakbekwame gecertificeerde zon-installateur.
In het practicumlokaal voor zonnewarmtesystemen in Den Bosch wordt de installateur/monteur ingevoerd in verschillende varianten van zonnewarmtesystemen. Van toepassing voor de Nederlandse markt zijn met name de drukgevulde systemen en de terug- of leegloopsystemen. Van beide systeemtypen worden meerdere varianten op de markt gebracht.
Zowel van het leegloop- als van het drukgevulde systeem zijn in het nieuwe Practicumlokaal twee varianten aanwezig, zodat de installateur/monteur van de meest toegepaste systemen kennis opdoet. Kennis van verschillende systemen is belangrijk om de installatie op het gewenste kwaliteitsniveau en maximaal renderend op te kunnen leveren.
Met het inhuren van een vakbekwame installateur weet de gebruiker zich verzekerd van een installatie die volgens de geldende regels en kwaliteitseisen wordt opgeleverd. Bovendien wordt zo het maximale rendement uit de installatie gehaald omdat deze optimaal is afgesteld. Verder bieden de in het kwaliteitsregister opgenomen kwaliteitskeuren een betere garantie en service als een installatie in de praktijk toch niet 100 procent blijkt te werken.
De persoonsgebonden certificering, waar het nieuwe Practicum voor Zonnewarmtesystemen op voorbereidt, maakt deel uit van een bredere ontwikkeling die zijn oorsprong vindt in Brussel. Al sinds de eerste klimaatconferentie in Kyoto wordt met wisselend succes gewerkt aan een duurzamer wereld. Binnen Europa is in dat kader het doel gesteld om in 2020 ten minste 20% van de energiebehoefte duurzaam te produceren. Een aanzienlijk deel van de Europese energiebehoefte bestaat uit lage en middentemperatuur warmtevraag. Dat betekent dat een substantieel aandeel van de warmte- en koudevraag kan worden ingevuld met zonne-energie. Ook andere hernieuwbare energiebronnen zoals wind en water bieden volop mogelijkheden.
Om invulling te geven aan de duurzaamheidsambitie, introduceerde de EU een aantal jaren geleden de Europese richtlijn hernieuwbare energie. De Nederlandse overheid en brancheorganisaties, waaronder BDA Opleidingen, speelden daar onder meer op in met de ontwikkeling en invoering van een opleidings- en certificeringssysteem voor installateurs van duurzame installaties.
Het zon-certificaat ‘Installeren van zonnewarmtesystemen’ is daar een van. Andere persoonsgebonden zon-certificaten zijn ‘Ontwerp zonnestroomsystemen’, ‘Ontwerp zonnewarmtesystemen’, ‘Bouwkundige montage zonne-energiesystemen’ en ‘Installeren van zonnestroomsystemen’.
In de cursus ‘Installeren van zonnewarmtesystemen’ wordt geleerd hoe een zonnewarmtesysteem op een veilige manier onder het dak moet worden geïnstalleerd. De werking en installatie van de verschillende componenten worden behandeld; expansievat, warmtewisselaar, pompen en regeling komen daarbij aan de orde. Het vullen van de systemen en in werking stellen van de installatie worden getraind, waarna aan de hand van checklists wordt gecontroleerd of de installatie goed is gemonteerd en goed functioneert.
De cursus ‘Installeren van zonnewarmtesystemen’ is ontwikkeld door BDA Dak- en Gevelopleidingen. De cursus duurt twee dagen en is uitgevoerd als praktijktrainingen voor met name monteurs.
[related_post themes=”text”]
Veel interesse voor groepsaankoop zonnepanelen
Er blijkt opnieuw veel interesse in de groepsaankoop zonnepanelen van SamenZonneEnergie in de provincie Noord-Holland. Inmiddels hebben ruim 3.300 inwoners van de provincie Noord-Holland, waaronder bijna 900 afkomstig uit Zaanstad, zich aangemeld als deelnemer. De inschrijving voor de actie sluit op 11 mei. Dit is de vijfde groepsaankoop van SamenZonneEnergie waaraan inwoners van Noord-Holland kunnen deelnemen. De interesse in het opwekken van eigen duurzame energie is begrijpelijk, betoogt de initiatiefnemer. “Gemiddeld verdienen zonnepanelensystemen zich in 6 tot 10 jaar volledig terug en de systemen gaan minimaal 25 jaar mee. Een investering in zonnepanelen rendeert daarom aanzienlijk beter dan een gemiddelde spaarrekening. Bovendien wekken zonnepanelen groene stroom op, waardoor een zonnepanelen-eigenaar bijdraagt aan een duurzamere omgeving.”
Op 12 mei organiseert SamenZonneEnergie een veiling onder zonnepanelenleveranciers. Deze leveranciers doorlopen eerst een uitgebreid kwalificatieproces. “Kwaliteit staat altijd voorop”, aldus Dick Emmer, wethouder duurzaamheid. “De leverancier die het beste bod uitbrengt, wint de veiling en doet alle deelnemers een aanbod voor een zonnepanelensysteem op maat.”
Wie nog wil aanhaken bij de groep deelnemers voor deze groepsaankoop kan zich deze week nog inschrijven. Dit kan tot uiterlijk 11 mei via www.SamenZonneEnergie.nl
[related_post themes=”text”]
Nog volop groeimogelijkheden voor zonne-energie
Er is veel ruimte voor zonne-energie in Nederland, stelt Holland Solar in haar rapport ‘Ruimte voor zonne-energie 2020-2050’. De zon kan Nederland aan 100–300 PJ warmte helpen en 200-400 PJ elektriciteit. Ter vergelijking: Nederland kent jaarlijks een finaal energiegebruik van ongeveer 2150 PJ. Particulieren, bedrijfsleven en financiële wereld wil graag investeren in zonne-energie. De overheid kan met relatief weinig moeite deze interesse inzetten voor versnelling van de energietransitie. Zonnewarmte technieken kunnen op korte termijn versneld toegepast worden bij huishoudens, recreatie & sport & wellness en de agrarische sector. Voor de langere termijn is er veel potentie voor zonnewarmte in de industrie, onder andere in de foodsector en het invoeden in warmtenetten vanuit zonnecollectorvelden. Zonnestroom-technieken kunnen op korte termijn vooral groeien bij de grondgebonden woningen in particulier bezit. Daarnaast is er een groot potentieel bij utiliteit (scholen en ander maatschappelijk vastgoed) en agrarische sector. Er wordt voorts een groot potentieel gezien in combinatie parkeerruimte en elektrisch vervoer, alsook toepassingen op civiele werken. De ruimte kan nu en in de toekomst beter benut worden door aantal zaken waar te maken: Het mogelijk maken van het gebruik van ruimte op en rond civiele werken. Het inzetten van parkeergarages en -terreinen voor zonnestroom, in combinatie met elektrisch vervoer door gemeentes. Het voorzien van al het maatschappelijk vastgoed van zonne-energietoepassingen. Ruimte voor installaties en opslag, dak-doorvoeren, en ruimte op daken zeker stellen in bouwregelgeving. Het recht van schaduwvrijheid voor eigenaren van zonne-energie systemen veiligstellen. Voorzien in betere data over energiegebruik en –opwekking per techniek, per sector en per regio. Met relatief weinig moeite vanuit de overheid kan er een grote groei verwezenlijkt worden in verschillende sectoren Dit zijn onder andere maatschappelijk vastgoed, mkb, agrariërs, food industrie, wellness en woningcorporaties. Belangrijke aandachtspunten zijn: De onzekerheid over financiële rendementen moet worden opgelost. Financieringskansen worden snel hoger door meer zekerheid over rendement. Behoud van salderen met een…
Rensa PV-panelen configurator
Stel met deze tool stap voor stap de installatie voor PV-panelen samen! Alle onderdelen die nodig zijn voor het samenstellen van een PV-panelen installatie zijn gemakkelijk te vinden in deze online tool. Lees meer: www.rensa.nl/pv-configurator
Legionellabeheersing onder druk
In de aanloop naar het TVVL Nationaal Congres Sanitaire Technieken van 10 juni a.s., hekelt dagvoorzitter Eric van der Blom de kritische uitlatingen van het RIVM-Centrum Infectieziektebestrijding en Actal, het Adviescollege toetsing regeldruk, over de regelgeving voor legionellapreventie. De uitingen van het RIVM en Actal hebben bij veel partijen tot grote zorgen en verontwaardiging geleid, weet Van der Blom. De minister van Infrastructuur en Milieu heeft in de Beleidsnota Drinkwater aangekondigd dit jaar te starten met een beleidsevaluatie naar legionellapreventie in leidingwaterinstallaties. Het ministerie moet zeer behoedzaam omgaan met het betrekken van de uitingen bij de beleidsevaluatie. Het RIVM stelt in een recent artikel dat het leidingwater op scholen, kantoren, sportlocaties en andere niet-prioritaire locaties legionellabacteriën mag bevatten, omdat uit casuïstiek blijkt dat de kans op legionellose via deze locaties zeer gering is. Risicoanalyses, beheersplannen en monstername zijn op niet-prioritaire locaties overbodig en zelfs ongewenst omdat ze kunnen leiden tot onnodige onrust, onverantwoorde investeringen en milieuschade, aldus het RIVM. Van der Blom vraagt zich af of de stelling klopt. “Is het logisch te veronderstellen dat er geen legionellarisico’s zijn voor personen die in een sporthal douchen en wel voor dezelfde personen die in een hotel of bepaalde zorginstelling verblijven? De personen zijn dezelfde, de installatieomstandigheden zijn alleen complex. Uit de casuïstiek blijkt dat als er al een match gemaakt kan worden tussen de besmetting van een persoon en een bron, dat dit juist niet-prioritaire installaties blijken te zijn. Het Adviescollege toetsing regeldruk (Actal) adviseert de regering en Staten-Generaal om de regeldruk zo laag mogelijk te maken, voor bedrijven, burgers en beroepsbeoefenaren in de zorg, onderwijs, veiligheid en sociale zekerheid. Onlangs liet waakhond Actal in de media weten dat de rapportage van het kabinet over regeldruk rammelt. “Hetzelfde kan echter gezegd worden over de rapportage van Actal over de regeldruk bij legionellabeheersing, onlangs aangeboden aan de minister van Infrastructuur en Milieu.…
Hoe is uw binnenklimaat?
Klachten over het thermisch comfort komen vaak voor. Welke aspecten deze klachten veroorzaken is vaak moeilijk te achterhalen. In sommige gevallen gaat het om persoonlijke voorkeuren maar vaak ook om terechte klachten in verband met de omgevingscondities. De ISO7730 norm geeft aanbevelingen voor een comfortabel binnenklimaat en omschrijft welke grootheden gemeten moeten worden. Met de testo 480 klimaatmeetinstrument kunt u alle klimaatparameters met slechts één instrument meten. Voor meer info klik hier.
Kabinet geeft startschot voor Nederlandse Gaswende
Het kabinet wil een trendbreuk realiseren in de verwarming van huizen, kantoren en industrie door veel meer gebruik te maken van hernieuwbare bronnen en restwarmte. Dit blijkt uit de warmtebrief die minister Kamp naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. De Duurzame Energie Koepel is verheugd dat Minister Kamp van Economische Zaken hiermee een startschot geeft voor een omslag, waarin aardgas niet meer dominant is, maar hernieuwbare warmte ruim baan zal gaan krijgen. Het toepassen van aardgas zal in veel wijken en steden op termijn teruglopen, waarbij hernieuwbare warmte en de inzet van warmtenetten de warmtevoorziening deels gaan overnemen. De Duurzame Energie Koepel is blij hiermee, omdat het Nederland in de toekomst minder afhankelijk maakt van de import van aardgas uit instabiele landen en klimaatneutraal wonen dichterbij brengt. Deze trendbreuk zal ook leiden tot een grotere bijdrage van de hernieuwbare energie sector aan de werkgelegenheid en de Nederlandse economie. Hernieuwbare energiebronnen en technieken als zonnewarmte, warmtepompen, bodemenergie (onder andere warmtekoude opslag, geothermie), en allerlei vormen van bio-energie zijn veelal goedkoper en beter voor het milieu. Bovendien is de inzet hiervan noodzakelijk om de doelstelling uit het Energieakkoord van 14% duurzame energie in 2020 te halen. Door de huidige regelgeving en belastingstructuren is er geen gelijk speelveld, waardoor efficiënte hernieuwbare warmtebronnen moeilijker kunnen concurreren. Teun Bokhoven, voorzitter van de Duurzame Energie Koepel: “De trendbreuk die Minister Kamp nastreeft is goed nieuws, maar alleen haalbaar als er op korte termijn een gelijk speelveld wordt gecreëerd tussen gas en hernieuwbare warmtebronnen. De warmtebrief geeft daarvoor een goed signaal. Onze sector zal zich sterk inzetten om te zorgen dat dit geen papieren tijger wordt en dringt er bij het kabinet op aan snel met maatregelen te komen, zoals het wegwerken van de ongelijkheid in de waardering in de energiebelasting tussen gas en elektriciteit.“ De visie, die wordt gepresenteerd in de Warmtebrief, is een duidelijk nieuw…
Warmtescan actie ook in Gouda
Gouda is de derde, en voorlopig laatste, gemeente waar het Nationaal Energiebespaarfonds de warmtescan actie uitrolt. De gemeente Gouda omarmt de kans om zo’n 2.700 woningeigenaren blij te maken met een gratis warmtescan van harte. Het Nationaal Energiebespaarfonds voert op dit moment een warmtescan actie uit bij in totaal 10.000 koopwoningen in drie gemeenten: Apeldoorn, Vianen en nu dus Gouda. De woningeigenaren krijgen de warmtescan van de voorgevel van hun woning gratis aangeboden. De warmtescan is een momentopname en geeft een helder beeld van hoe goed een gevel is geïsoleerd. Het doel is om de woningeigenaar inzicht te geven en op grond daarvan te laten overwegen of het zin heeft om de woning te verduurzamen. De actie in Apeldoorn en Vianen is inmiddels in volle gang. De eerste 2.000 woningeigenaren in Apeldoorn hebben afgelopen weekend een bericht gekregen van partner Feenstra dat hun warmtescan klaarstaat en zijn uitgenodigd voor informatieavonden, waar in zij geïnformeerd worden over hoe de warmtescan te lezen is en hoe zij warmteverlies tegen kunnen gaan. In Vianen heeft wethouder Frank Meurs deze week het startschot gegeven en is Sunburst begonnen met scannen. Partner Pluimers zal straks de scans huis aan huis in Vianen aanbieden. Reinoud Veldman, fondsmanager van het Nationaal Energiebespaarfonds: “De selectie van woningen is gebaseerd op koopwoningen in oudere wijken waar nog geen andere verduurzamingsacties lopen. De meeste woningen zijn eengezinswoningen en ouder dan 1980 met een tuin (geen appartementencomplexen). Bewoners die geen behoefte hebben aan een gratis warmtescan kunnen zich online afmelden met een inlogcode die zij per brief ontvangen.“ De warmtescanactie wordt uitgevoerd in een samenwerkingsverband. Naast Svn zijn dit Sunburst, Pluimers (in Gouda en Vianen) en Feenstra (in Apeldoorn). Sunburst maakt de warmtescans, Pluimers en Feenstra zorgen voor een vervolgactie in de wijken waar de gevelscans worden gemaakt. Beide bedrijven doen dit op een andere manier, waardoor later de effecten en…
Herziening basis voor Energieprestatie warmtebalans
De energieprestatie is te berekenen met NEN 7120 ‘Energieprestatie voor gebouwen’ (EPG). De grondslag hiervoor wordt echter gewijzigd: er komen gewijzigde en aanvullende Europese normen. De binnentemperatuur en luchtvochtigheid moeten altijd binnen bepaalde waarden blijven. Afhankelijk van het gebouw en het verwarmings- / koelingssysteem is hier meer of minder energie voor nodig. Het normontwerp NEN-EN-ISO 52017-1 bevat voorstellen voor de berekening. Tot 29 april kunnen belanghebbenden en geïnteresseerden hier commentaar op indienen. Met NEN-EN-ISO 52017-1 kan de binnentemperatuur van een gebouw of zone worden berekend. Ook kan berekend worden hoeveel energie nodig is voor verwarming en koeling om die temperatuur te bereiken, op basis van ontwerp gegevens van het systeem. Dit is belangrijk aangezien alle gebouwen straks bijna-energieneutraal (BENG) moeten zijn. NEN-EN-ISO 52017-1 bevat een generieke methode voor de uurlijkse berekening. Verschillende aspecten worden meegenomen: luchtsnelheid van de verwarmings-/koelingssystemen, luchtvochtigheid, zonnewarmte, oppervlakte van de schil en inhoud van de zone, hoeveelheid isolatie etc. De norm maakt deel uit van een grotere serie normen. Op al deze normen kunt u commentaar indienen, maar de deadlines kunnen verschillen. Belanghebbenden kunnen tot 29 april a.s. commentaar indienen op het voorstel via www.normontwerpen.nen.nl. Dit commentaar wordt in de normcommissie 35107425 ‘Europese en mondiale normalisatie klimaatbeheersing’ besproken en in de Europese Technische Commissie ingebracht voor verwerking. Als de commentaren uit heel Europa zijn verwerkt, gecontroleerd en akkoord bevonden, wordt de norm in 2016 gepubliceerd.